-Februari-
7 ferbruari 2012, mijn 19de verjaardag. Ik
had er niet speciaal naar uitgekeken. Na marginale verkleedparty’s en zotte verrassingsfeestjes met mijn
geliefde en gemiste vrienden in België, zou ik
hier wel eens teleurgesteld kunnen worden. Daar had ik me da nook mental
op voorbereid. Onterecht.
Op school wist niemand ervan. Maar toen ik even een stille hint liet ontsnappen werd de klas plots omgetoverd in een geïmproviseerde receptiezaal, vol koekjes en chips. Ze hadden zelfs een tart voor me laten komen, die traditiegetrouw in mijn gezicht werd geduwd. Het was een leuke verrassing.
‘s Middags wenste de hele familie me een gelukkige verjaardag. Iets wat logisch lijkt maar dat eigenlijk niet is als je weet dat ik degene ben die hen moet herinneren aan de verjaardagen van hun eigen kinderen.
Rond 6u30 wachtte ik mijn vrienden op in Billy’s bar, die naar gewoonte weer veel te laat toekwamen. Het was gezellig. We aten doritos en chifles, speelden president en dronken bier en cuba libre tot het tijd was voor de cadeaus. Tot mijn grote vreugde kreeg i keen nieuwe trekrugzak. En een ajuin natuurlijk. Johannes gaf me een zakje haribo-snoepjes en heerlijk Europese chocolade. An-Katrien gaf me 2 chocotoffs. Zalig!! Het heeft me nog nooit zo gesmaakt. Toen kwam de tart, waar ik voor de tweede keer die dag met mijn gezicht werd in geduwd. En allen die me een beetje kennen, kunnen wel voorspellen wat er nu gaat volgen… Het werd een zwaar gevecht. Na enkele minute hing iedereen van top tot een onder de cake. De drank begon zijn werk te doen. Tuomo at mijn ajuin alsof het een appel was en de dansvloer werd gevuld. Ik genoot. Toen mijn schoolgaande gringovrienden naar huis moesten kwam ere en volgende bende toe. Meer taart. Ik kletste er lustig op los met mijn uit het oog verloren vriendin Fleur en het werd een tof feestje. Een Ecuadoriaanse verjaardag om niet te vergeten.
Op school wist niemand ervan. Maar toen ik even een stille hint liet ontsnappen werd de klas plots omgetoverd in een geïmproviseerde receptiezaal, vol koekjes en chips. Ze hadden zelfs een tart voor me laten komen, die traditiegetrouw in mijn gezicht werd geduwd. Het was een leuke verrassing.
‘s Middags wenste de hele familie me een gelukkige verjaardag. Iets wat logisch lijkt maar dat eigenlijk niet is als je weet dat ik degene ben die hen moet herinneren aan de verjaardagen van hun eigen kinderen.
Rond 6u30 wachtte ik mijn vrienden op in Billy’s bar, die naar gewoonte weer veel te laat toekwamen. Het was gezellig. We aten doritos en chifles, speelden president en dronken bier en cuba libre tot het tijd was voor de cadeaus. Tot mijn grote vreugde kreeg i keen nieuwe trekrugzak. En een ajuin natuurlijk. Johannes gaf me een zakje haribo-snoepjes en heerlijk Europese chocolade. An-Katrien gaf me 2 chocotoffs. Zalig!! Het heeft me nog nooit zo gesmaakt. Toen kwam de tart, waar ik voor de tweede keer die dag met mijn gezicht werd in geduwd. En allen die me een beetje kennen, kunnen wel voorspellen wat er nu gaat volgen… Het werd een zwaar gevecht. Na enkele minute hing iedereen van top tot een onder de cake. De drank begon zijn werk te doen. Tuomo at mijn ajuin alsof het een appel was en de dansvloer werd gevuld. Ik genoot. Toen mijn schoolgaande gringovrienden naar huis moesten kwam ere en volgende bende toe. Meer taart. Ik kletste er lustig op los met mijn uit het oog verloren vriendin Fleur en het werd een tof feestje. Een Ecuadoriaanse verjaardag om niet te vergeten.
Het weekend
dat erop volgde gaf ik als valentijnscadeau aan Billy. Op naar Baños. We
slenterden wat rond, aten pizza in het Italiaanse restaurant en bezochten dan
nog maar eens de hete wateren in de “aguas termales”. We vonden een hotel van 7
dollar per persoon en gingen daarna nog even op stap in de uitgaansbuurt, waar
het nachtleven op volle toeren draait. Ik genoot van de
sfeer tussen al die vlot zwierende Ecuadoriaanse heupen, maar we maakten het
niet te laat.
De volgende ochtend namen we encebollada (vissoep) als ontbijt en vertrokken daarna met een grappig uitziend toeristenbusje naar “La Ruta de las Cascadas”, toer van de watervallen. En je hebt er wel wat in Baños. Ik genoot nog maar eens van het uitzicht op de frisgroene bergen en elke waterval die we passeerden was prachtig. Maar de laatste kreeg toch mijn voorkeur. Na een steile afdaling door het bos kwamen we aan een kleine maar krachtige waterval, waar we de mogelijk kregen een duikje te nemen. Billy en ik gingen als eerste uit de kleren en aangezien de rest het niet verder waagde dan hun dike teen , hadden we het koele water voor ons alleen. Ah, wat is het leven mooi!
Terug in Baños permitteerden we ons nog een snel valentijnsmaal van gebraden cavia met rijst, tot het tijd was om naar Riobamba terug te keren, waar de hele familie gezellig bij elkaar zat empanadas te bakken bij het houtvuur op het dakterras.
De volgende ochtend namen we encebollada (vissoep) als ontbijt en vertrokken daarna met een grappig uitziend toeristenbusje naar “La Ruta de las Cascadas”, toer van de watervallen. En je hebt er wel wat in Baños. Ik genoot nog maar eens van het uitzicht op de frisgroene bergen en elke waterval die we passeerden was prachtig. Maar de laatste kreeg toch mijn voorkeur. Na een steile afdaling door het bos kwamen we aan een kleine maar krachtige waterval, waar we de mogelijk kregen een duikje te nemen. Billy en ik gingen als eerste uit de kleren en aangezien de rest het niet verder waagde dan hun dike teen , hadden we het koele water voor ons alleen. Ah, wat is het leven mooi!
Terug in Baños permitteerden we ons nog een snel valentijnsmaal van gebraden cavia met rijst, tot het tijd was om naar Riobamba terug te keren, waar de hele familie gezellig bij elkaar zat empanadas te bakken bij het houtvuur op het dakterras.
Dinsdag 14 februari, valentijn. Grote roze
ballonnen zwerven door de stad en de rozen zijn op elke hoek van de straat te
koop. Billy en ik deden die dag niet veel meer, maar ook al wordt dit alles
naar mijn mening veroorzaakt door commercie en plichtsgevoel, de sfeer van
vriendschap en liefde was duidelijk te voelen. Mijn klasgenoten gaven elkaar kaartjes en
knuffels, verliefde koppels in het park en alle restauranten volgeboekt. Rommance
zit hier duidelijk ik de cultuur.
Vrijdag
begon het traditiegetrouwe feest waar iedereen naar uitgekeken had. Carnaval!
Iets wat hier nogal anders gevierd wordt dan ik gewoon ben. De hele maand al moest je de auto’s in het oog houden en vermijden
langs gebouwen te lopen. Je
zou anders wel eens kletsnat naar huis terug moeten keren. Maar zaterdag
proefde ik voor het eerst van het ware Ecuadoriaanse carnaval.
‘s Morgens was ik naar “ La Plaza de Gallinas” geweest, een zwarte markt waar je om een of andere duistere reden goeie nokia’s kunt kopen voor 20 dollar. Net wat ik nodig had.
De markt maakt zijn naam, de kippenplaats, waardig. Meer dan de helft ervan wordt ingenomen door kakelende kippen in gesloten manden, levende kippen in zakken, gevechtshanen… Je kunt er verder nog schattige hondjes kopen voor 100 dollar en kleine katjes voor 1 dollar. Eigenlijk vind je er zo ongeveer alles wat je nodig zou kunnen hebben. Indrukwekkend om te zien.
Daarna stuitten we op een desfile, een carnavalsstoet. Ietswat georganiseerder dan de onze in België, met gecoördineerde dansen en indiaanse muziek in plaats van het chaotische humpa humpa. Hoewel ik zelf niet echt problemen heb met dat laatste..
In de hele straat waren er spuitbussen met schuim te koop. En dat was ook de echte reden waarom de mensen gekomen waren. Ze verkleden zich hier niet, en in plaats van met confetti gooien ze met water, spuiten ze elkaar vol schuim, wrijven ze kleurstof in elkaars gezicht en als het er even bij kan smijten ze je in de vijver. Binnen de korste keren was de hele straat omgetoverd in een spelend-vechtende bende en geen levende ziel kwam er uit zonder van top tot teen paars gekleurd te zijn. Perfect! Het was demax. Gelukkig stond de zon hoog en warm aan de hemel en we amuseerden ons totdat het tijd was voor het middageten.
In de namiddag vertrokken Billy, zijn neef Franco, enkele vrienden en ik naar Guaranda, een dorp op 2u rijden van Riobamba. Ondanks een stevige schrobbeurt nog steeds met roze handen en paarse oren. We zouden er naar een rockfestival gaan. Bleek hardrock te zijn. Ik voelde me wat ongemakkelijk tussen al die zwartgeklede, langharige headbangers, maar het was wel eens leuk om te zien. We bleven er echter niet lang. De rest van de nacht slenterden we rond in het dorp, op zoek naar wat er te beleven viel tussen de kleine straatoptredentjes met Spaanstalige smartlappen en paarse zatlappen. Uiteindelijk belandden we in de discotheek. Die sloot echter om 3u en aangezien het buiten koud en nat was en onze bus pas kwam om 6u dommelden we allen weg op de dansvloer. Met dank aan de uitbater.
De volgende dag sliep ik tot 14u in de namiddag. Toen vertrokken we met de famillie naar Chambo, een van de bekende carnavaldorpjes in de beurt van Riobamba. Mijn zus had een open camionet bemachtigd en gingen op weg met de waterballonnen in de aanslag. We amuseerden ons goed, ondanks het feit dat we af en toe wel eens een emmer water op onze kop terug kregen. Maar in Chambo toegekomen bleek het meeste al voorbij te zijn. Die Ecuadorianen zijn zo’n verschrikkelijke ochtendmensen! Enkel de zware feesters en dronkaards bleven over, maar er heerste een aangename volkse sfeer. Er werd echter een dumper gezet op de vreugde toen de autoruit ingesmeten bleek te zijn en Billy’s rugzak en mijn 1-dag oude gsm verdwenen waren. Maar we bleven in Chambo tot de nacht viel en woonden het plaatselijke concertje bij. Op dat moment miste ik een gekke Belgische vriendin om me tussen het volk te gooien en volledig los te gaan…
‘s Morgens was ik naar “ La Plaza de Gallinas” geweest, een zwarte markt waar je om een of andere duistere reden goeie nokia’s kunt kopen voor 20 dollar. Net wat ik nodig had.
De markt maakt zijn naam, de kippenplaats, waardig. Meer dan de helft ervan wordt ingenomen door kakelende kippen in gesloten manden, levende kippen in zakken, gevechtshanen… Je kunt er verder nog schattige hondjes kopen voor 100 dollar en kleine katjes voor 1 dollar. Eigenlijk vind je er zo ongeveer alles wat je nodig zou kunnen hebben. Indrukwekkend om te zien.
Daarna stuitten we op een desfile, een carnavalsstoet. Ietswat georganiseerder dan de onze in België, met gecoördineerde dansen en indiaanse muziek in plaats van het chaotische humpa humpa. Hoewel ik zelf niet echt problemen heb met dat laatste..
In de hele straat waren er spuitbussen met schuim te koop. En dat was ook de echte reden waarom de mensen gekomen waren. Ze verkleden zich hier niet, en in plaats van met confetti gooien ze met water, spuiten ze elkaar vol schuim, wrijven ze kleurstof in elkaars gezicht en als het er even bij kan smijten ze je in de vijver. Binnen de korste keren was de hele straat omgetoverd in een spelend-vechtende bende en geen levende ziel kwam er uit zonder van top tot teen paars gekleurd te zijn. Perfect! Het was demax. Gelukkig stond de zon hoog en warm aan de hemel en we amuseerden ons totdat het tijd was voor het middageten.
In de namiddag vertrokken Billy, zijn neef Franco, enkele vrienden en ik naar Guaranda, een dorp op 2u rijden van Riobamba. Ondanks een stevige schrobbeurt nog steeds met roze handen en paarse oren. We zouden er naar een rockfestival gaan. Bleek hardrock te zijn. Ik voelde me wat ongemakkelijk tussen al die zwartgeklede, langharige headbangers, maar het was wel eens leuk om te zien. We bleven er echter niet lang. De rest van de nacht slenterden we rond in het dorp, op zoek naar wat er te beleven viel tussen de kleine straatoptredentjes met Spaanstalige smartlappen en paarse zatlappen. Uiteindelijk belandden we in de discotheek. Die sloot echter om 3u en aangezien het buiten koud en nat was en onze bus pas kwam om 6u dommelden we allen weg op de dansvloer. Met dank aan de uitbater.
De volgende dag sliep ik tot 14u in de namiddag. Toen vertrokken we met de famillie naar Chambo, een van de bekende carnavaldorpjes in de beurt van Riobamba. Mijn zus had een open camionet bemachtigd en gingen op weg met de waterballonnen in de aanslag. We amuseerden ons goed, ondanks het feit dat we af en toe wel eens een emmer water op onze kop terug kregen. Maar in Chambo toegekomen bleek het meeste al voorbij te zijn. Die Ecuadorianen zijn zo’n verschrikkelijke ochtendmensen! Enkel de zware feesters en dronkaards bleven over, maar er heerste een aangename volkse sfeer. Er werd echter een dumper gezet op de vreugde toen de autoruit ingesmeten bleek te zijn en Billy’s rugzak en mijn 1-dag oude gsm verdwenen waren. Maar we bleven in Chambo tot de nacht viel en woonden het plaatselijke concertje bij. Op dat moment miste ik een gekke Belgische vriendin om me tussen het volk te gooien en volledig los te gaan…
We hadden
twee dagen vakantie en maandag maakten we daarvan gebruik om carnaval te vieren
in Guano, de smerigste van allemaal. Zelfs voordat de stoet nogmaar begonnen
was, waren we al kletsnat en paars tot op het vel. Daarbij had iemand het
schitterende idee gehad een zak bloem mee te brengen en deze werd vrolijk over
mijn hoofd uitgegoten en gemengd met bier en ei. We vechtten en amuseerden ons
totdat ik het ijskoud gekregen had en bibberend naar een warm bad verlangde. In
plaats daarvan moesten we het doen met een koude rivier om ons af te spoelen en
een overbevolkte busrit naar huis. De douche thuis is ook stuk en de familie
blijkt niet echt van plan die te vermaken. Ik doe het dus al weken met ijskoud
water waar je hoofd pijn van doet. Maar
ik warmde wat water op in de keuken en met mijn tijltje en een goed stuk zeep
lukte het toch het meeste van me af te krijgen. Desondanks bleef ik de twee
daaropvolgende weken brokken uit mijn haar halen, maar het was de moeite waard.
Dinsdag
hadden we er alles wat genoeg van gekregen. We hielden het rustig, maar
beslisten tegen de namiddag dat we de laatste carnavaldagen toch niet zomaar
binnen konden doorbrengen. Ik ging met Billy naar Guamote, waar er blijkbaar
stierengevechten aan de gang waren. We vertrokken echter veel te laat en kwamen
ook nog eens in een kilometerslange file terecht zodat het volk net terug naar
huis begon te keren toen wij toekwamen. Jammer. Tien minuten later stonden we
al in de gietende regen op de bus terug te wachten. We maakten er dan maar een
filmavond van.
Ik vond de
vakantie tekort en nam er dus maar een dagje bij. Terwijl woensdagochtend al
mijn klasgenoten op de schoolbanken zaten, at ik pizza in Ambato. We maakten een toertje door de stad en bezochten het oude huis en de
prachtige tuin van een bekende Ecuadoriaanse schrijver.
Het was een leuk verlengd weekend.
Het was een leuk verlengd weekend.
Er volgden
twee saaie dagen op school maar zaterdag vertrokken we alweer op weekend.
Gezelschap: Billy en mijn klimmersvrienden. Bestemming: Sigsipamba. Doel:
klimmen en kamperen. We maakten er een avontuurtje van. Onze vrienden waren al
ter plaatse. Billy en ik vertrokken met elk 10 dollar en zonder tent.
Zaterdag was een leuke dag. De rotsen waren moeilijk maar ik probeerde toch en het ging niet slecht. De rest van de tijd gebruikte ik om het terrain te verkennen en een geïmproviseerde tent in elkaar te knutselen. Ik verheugde me al op het avontuur. ‘s Avonds trotseerde ik de rotsen in het donker en mete en koplamp. Het was super! Toen Billy en ik ons later met onze meegebrachte picknick in mijn zelgemaakte hol in de struiken terug wooden trekken, kregen onze vrienden medelijden en nodigden ons uit voor het avondmaal op het privéterrein waar zij zouden logeren. De uitbaatster had heerlijk gekookt en Santi betaalde het eten. Na de gezellige warmte zag Billy het niet echt meer zitten om in de donkere nacht onze tent van houten stokken en kapotgesneden plastiek te gaan zoeken en uiteindelijk bemachtigde hij een kamer in het huis van de eigenaar. Ik zag het avontuur aan mijn neus voorbij gaan en was eerlijk gezegd wat ontgoocheld, maar we zijn op zijn minst niet doodgevroren.
s’ Morgens was ik om onbekende reden verschrikkelijk slechtgezind en maakte dan maar een wandeling op mijn eentje door de prachtige natuur om tot rust te komen. Het had het gewenste resultaat. Ik had me er zelfs bij neergelegd dat Ecuadorianen zo vreselijk Ecuadoriaans kunnen zijn en ik daardoor mijn afspraak met de andere uitwisselingsstudenten miste.
We genoten nog van een lekkere picknick met chochos en tonijn en ik kreeg daarna toch nog een vleugje van het avontuur waar ik zo’n zin in had gehad. Thuis zien te geraken met 2 dollar elk terwijl we de ongeveer 6u durende busrit 8 dollar kostte.. Auto-stop dan maar. Met mijn splinternieuwe trekrugzak en oude vertrouwde stapschoenen voelde ik me als op hike met de scouts. Heerlijk. We deden er lang over, maar het is ons toch gelukt heelhuids thuis te raken.
Zaterdag was een leuke dag. De rotsen waren moeilijk maar ik probeerde toch en het ging niet slecht. De rest van de tijd gebruikte ik om het terrain te verkennen en een geïmproviseerde tent in elkaar te knutselen. Ik verheugde me al op het avontuur. ‘s Avonds trotseerde ik de rotsen in het donker en mete en koplamp. Het was super! Toen Billy en ik ons later met onze meegebrachte picknick in mijn zelgemaakte hol in de struiken terug wooden trekken, kregen onze vrienden medelijden en nodigden ons uit voor het avondmaal op het privéterrein waar zij zouden logeren. De uitbaatster had heerlijk gekookt en Santi betaalde het eten. Na de gezellige warmte zag Billy het niet echt meer zitten om in de donkere nacht onze tent van houten stokken en kapotgesneden plastiek te gaan zoeken en uiteindelijk bemachtigde hij een kamer in het huis van de eigenaar. Ik zag het avontuur aan mijn neus voorbij gaan en was eerlijk gezegd wat ontgoocheld, maar we zijn op zijn minst niet doodgevroren.
s’ Morgens was ik om onbekende reden verschrikkelijk slechtgezind en maakte dan maar een wandeling op mijn eentje door de prachtige natuur om tot rust te komen. Het had het gewenste resultaat. Ik had me er zelfs bij neergelegd dat Ecuadorianen zo vreselijk Ecuadoriaans kunnen zijn en ik daardoor mijn afspraak met de andere uitwisselingsstudenten miste.
We genoten nog van een lekkere picknick met chochos en tonijn en ik kreeg daarna toch nog een vleugje van het avontuur waar ik zo’n zin in had gehad. Thuis zien te geraken met 2 dollar elk terwijl we de ongeveer 6u durende busrit 8 dollar kostte.. Auto-stop dan maar. Met mijn splinternieuwe trekrugzak en oude vertrouwde stapschoenen voelde ik me als op hike met de scouts. Heerlijk. We deden er lang over, maar het is ons toch gelukt heelhuids thuis te raken.
Ik beleef
hier de tijd van mijn leven!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten