maandag 14 november 2011

Feriado, Ama la vida!

Na bijna drie maanden in mijn Ecuadoriaanse leven begin ik dit land steeds beter te leren kennen. De provincie Chimborazo heeft al wat minder geheimen voor me, de taal gaat alsmaar vloeiender en ik begin er stilaan aan uit te raken hoe de cultuur hier in elkaar zit. Over dat laatste heb ik zo mijn bewonderingen en mijn ergernissen, zoals alles in het leven zijn voor- en nadelen heeft. Maar goed, ik ben hier om de verschillen te leren kennen, niet om kritiek te geven..
Ecuador mag dan nog een ontwikkelingsland genoemd worden, de rijkdom aan natuur en cultuur is overweldigend! Hoe meer ik ontdek, hoe meer ik mijn hart aan dit land verlies.

Ongeveer vier weken geleden ben ik met Liisa, Ellen en Tuomo Ambato gaan bezoeken. De stad is in dezelfde stijl als Riobamba gebouwd, maar is populair om zijn shoppingscenter met cinema. Er speelden echter geen films die interessant genoeg leken om een zonnige dag aan te verspillen, dus zijn we de stad maar wat gaan verkennen.
Veel verder dan de kerk. het park en de pizzaria zijn we niet geraakt, maar het was een leuk uitstapje. We hadden afgesproken met de Duitse uitwisselingsstudent, Heinrich, die in Ambato woont, dronken een kokosnoot en genoten van de pizza met een glaasje sangria. Het was lang geleden dat ik nog zo gelachen heb.

De zondag ben ik met een vriend gaan zwemmen. In een groter en drukker zwembad dan dat waar ik normaal naartoe ga, en tussen al die natte Ecuadoriaanse lichamen merkte ik eindelijk wat van het sociale karakter waar Latijn-Amerikanen zo bekend om staan. Het beeld van het overvolle stoombad, waar zowel mannen als vrouwen geboeid zaten te luisteren en te lachen met een halvegare die gepassioneerd een politieke monoloog hield, zal me nog lang bijblijven.

Het weekend erop ben ik nog eens mijn Ecuadoriaanse studentenplicht gaan vervullen in de `Campo de Acciones`, de scouts. Van 7u30 tot 13u30! Als was het school op zaterdag.. Ze lijken er hier echt van uit te gaan dat de jongeren geen leven hebben.
Driekwart van de tijd vertoefden we in een klaslokaal, om de scoutstradities te herhalen, de kennis van het `Jungle Book`op te frissen en liedjes aan te leren. Ik heb me niet verveeld, nu kan ik meezingen met koning Louis en Baloo de beer in het Spaans!
De overige tijd speelden we buiten, verrassend hoe universeel sommige van die spelletjes zijn. Er was ook een grote aarden plaats waar we naar hartelust in konden rollen en ik heb me dus geamuseerd!

Aangezien het Halloween was ben ik `s avonds met Tuomo, Ellen en Fleur (de Franse osteopate) naar het spookhuis geweest! Er stond een immens lange rij, maar het lukte Fleur en mij om dat 3u wachten te skippen en terwijl de anderen braafjes onze plaats hielden zijn wij een pintje gaan drinken. Pintjes... Ik was niet dronken maar had toch wel genoeg alcohol in het bloed om mijn gewoonlijke angsten te overwinnen en de hele weg in het spookhuis de slappe lach te hebben. Het was demax!
Daarna ben ik voor de eerste keer uitgeweest. Tot 1u.. Niet vet, maar tevreden met wat ik kreeg heb ik ervan genoten. In de discotheek was er zo`n typisch Amerikaans Halloweenfeestje aan de gang waar de heksen en vampieren er meer uitzien als goedkope hoertjes in plaats van angstaanjagend te zijn, maar het was leuk! Twee Belgische meisjes, een Brugse en een Waalse, waar ik de dag ervoor mee afgesproken had waren er ook. Het was een mengelmoes van talen en culturen. De vreemdelingen hier zoeken elkaar precies op. Ergens logisch misschien. Qui se ressemble, s`assemble..

Zondag in de  namiddag zijn we gaan klimmen in Guano. Een bulde, het soort klimmen dat minder hoog maar moeilijker is. En zonder beveiliging. Het moest mij dus natuurlijk lukken om op enkele centimeters van de top naar beneden te donderen. Ja, ik voelde het wel. Maar ondertussen is het alweer over.
Aangezien we laat vertrokken waren, konden we niet lang blijven, maar toen we de anderen van de club tegenkwamen beslisten ze om `s nachts te gaan klimmen. Ik wou doodgraag mee! Ik voel me steeds meer op mijn gemak bij die mensen en een nachtelijke klimervaring leek me zalig! Maar het was zondagavond en ik wist dat mijn gastouders er al niet zo blij mee waren dat ik weer het huis uit was, dus na gezellig samen een pintje te drinken ben ik maar naar Riobamba teruggekeerd.

Zo heb ik elk weekend wel iets leuks te doen. En ondertussen vliegen de gewone weekdagen ook voorbij. In het ziekenhuis (de practicas) gaat alles goed. Ik heb overlaatst een traditionele `limpia` (een zuivering) kunnen bijwonen. Eerst wordt de patiënt volledig ingewreven met een kaars, zodat de Yachak daarna in de vlam kan zien aan welke ziekte hij lijdt. Dat is bijna altijd malaria, wat zoveel betekent als slechte energieën die je omringen.. Vervolgens volgt het zelfde ritueel met sigaretten, een ei en planten. Tenslotte mag de patiënt zich twee dagen niet wassen en dan is hij gezuiverd..
Het schijnt dat ze ook zuiveringen doen met het speeksel van de Yachak of met levende cavia`s, die ze daarna opensnijden om aan de hand van de ingewanden een diagnose op te stellen. Ik heb het nog niet met mijn eigen ogen gezien, maar dergelijke dingen zouden me al niet meer verwonderen.

In het gezin spant het soms wat, maar het valt wel mee. En op school gaat het zijn gangetje. Toch was ik blij met de vakantie. Ofja, verlengd weekend, maar ik heb mijn tijd goed gebruikt. In deze `Feriado`, is het net als bij ons de bedoeling om de doden te herdenken. Als traditie daarbij drinken ze Colada Morada, een soort dikke, paarse vruchtensap, en eten brood in de vorm van kindjes, zoals wij doen bij Sinterklaas. In elke familie wordt een grote pot gemaakt en zelfs op school heeft elke klas een moment om samen deze lekkernij te nuttigen. .
Ik kon er echter niet bij zijn.. Ik was namelijk druk bezig te genieten van het landschap op weg naar de Altar, een van de drie besneeuwde vulkanen die vanuit Riobamba te zien zijn. Met een groepje van zeven kennissen uit het ziekenhuis, waaronder Fleur, vertokken we woensdagochtend om 5u, om twee uur later te paard door het prachtige Andesgebergte te rijden. In de late voormiddag bereikten we onze slaapplaats voor de nacht, el Refujio, van waaruit we na een sobere maaltijd en wat rust de wandeling richting krater aanvatten. Hoe hoger we kwamen, hoe meer truien er uitgingen en hoe meer pauzes we nodig hadden, maar eenmaal boven kregen we het verdiende resultaat. De voordien bewolkte hemel was opgeklaard en het meer, `La laguna Amarilla`, lag omringd door witte rotsen, rustig te schitteren in de zon.
Kijk maar naar de foto's (FB) en beeld je dan in dat het in het echt nog tien keer mooier was. .
Fleur en ik moesten persé het water aanraken en hebben er nog een extra stijl hellinkje bijgedaan. Terug boven waren we dood, maar het was de moeite waard.
In het terugkeren gaf de koelte en de pracht van de ondergaande zon ons nieuwe energie en samen met Fleur en de Duiste doktersstagaire, Regina, heb ik bijna de hele weg rennend en zingend van geluk afgelegd. De nacht viel voordat we `El Refujio`bereikten, zodat we in al onze onstuimigheid en niet wetend waar onze voeten te zetten menigmaal tot aan de knieën in de modder zijn weggezakt, om uiteindelijk met de nodige pijn in de buikspieren van het lachen aan te komen.
Aangezien er geen elektriciteit in het huis was, bestond de avond uit een ijskoude douche, een warm haardvuur, poedereten bij kaarslicht en wat muziek, maar uitgeput als we waren hebben we het niet te lang getrokken.
`s Nachts kon ik niet slapen van de kou, maar ik heb het overleefd en een deugddoend ochtendzonnetje heeft me de volgende dag weer kunnen opwarmen. Nog wat rusten, ontbijten en de terugweg te paard. Met de zon erbij was het nog mooier dan in de heenweg!
Ecuador es hermoso!
We sloten het reisje af met Colada Morada en foto's kijken, maar eigenlijk wou iedereen gewoon naar zijn bed.

Terug thuis bleek mijn familie aan het strand te zijn, en ik heb van het lege huis gebruik gemaakt om terug op krachten te komen en heerlijk mislukte zelfgemaakte pannenkoeken te eten.

Vrijdagmiddag kwam Alex, aka Billy, een vriend uit de klimclub, me ophalen om het weekend door te brengen bij zijn oma in Achupallas.
Toen we in het kleine dorpje aankwamen had ik het gevoel dat ik in het verleden was teruggekeerd. Er hing een dikke mist in de straten en op enkele honden en schapen na leek er geen levende ziel te bespeuren. Toen de nevel wegtrok kwamen de mensen echter op straat, maar nog steeds bleek de tijd stil gebleven te staan.
Simpele huisjes, met af en toe een kleien hutje ertussen. Traditionele indianen met zwaar geladen muilezels. Tandenloze oudjes die op de stoeprand een praatje slaan...
Zijn oma woont in een huisje waar ik niet volledig kon rechtstaan en er werd gekookt op een houtvuur. De voorkamer bleek een bank te zijn, waar ze ook schoenen, sokken, salade en nog meer verkochten.
Mooie ervaring..
Omdat de mensen in dat soort dorpjes echt niet veel te doen hebben, zit de meerderheid van de mannen jammergenoeg aan de drank. Maar voor een keer zou het me wel geen kwaad doen om van het jeugdelijke nachtleven in het dorp te proeven. Samen met Alex en zijn tante, die jonger is dan hij,  gingen we een wandelingetje maken.. Een toertje, zoals ze het noemen,  een populaire gewoonte daar.
Aangezien Alex er bijna iedereen leek te kennen was ons groepje na het vijfde toertje in het kleine dorp al aardig aangegroeid met andere jongeren, en het ging zo door tot we met genoeg waren op een karaf te kopen.. Een sterke, warme drank, die te zoet en te lekker was om gezond te zijn. We dronken voor de gezelligheid en tegen de koude, maar al gauw begon de alcohol naar het hoofd te stijgen. Het gesprek sloeg om in gezever en gelach tot er uiteindelijk iemand zijn gitaar bovenhaalde en de nacht al zingend werd ingeleid.

De volgende dag zouden we een meer gaan bezoeken, en enkele uren later dan gepland gingen we in de blakende zon en met  een toch wel noemenswaardige  kater op weg, de bergen in. Afzien! We kwamen een man tegen die midden op het stenen weggetje tussen de poten van zijn paard lag te slapen en Alex kreeg het geweldige idee om dat paard mee te nemen. Toen het dier echter met zijn poten tegen het hoofd  van de man sloeg en hem net niet vertrappelde, werd de ongelukkige wakker en hebben we ons maar snel uit de voeten gemaakt. We raakten de weg kwijt, wandelden door weiden en velden en moesten om de vijf minuten pauzeren, maar we zijn aan het meer geraakt!
Na wat fruit te eten en van de rust te genieten kwamen we de familie van een vriend van Alex tegen en waagden we een poging om te vissen. We hadden echter alleen een draad en tijdens het uitsmijten sukkelde het hele spel het water in. Ik heb mijn goedhartigheid dan maar eens boven gehaald en ploeterde tot aan mijn middel in het meer om onze vislijn te redden. Ondanks alles hebben we echter niets gevangen. Bovendien overtrok het meer plots in een mum van tijd met een dikke nevel en begon het te hagelen. Mysterieus..
We besloten dan maar terug te keren en deze keer ging de wandeling vlotter.
Aangekomen in het dorp waren ze alweer aan het drinken, maar ik heb het die keer toch moeten skippen. Mijn maag had de hele dag overhoop gelegen en ik was doodmoe. Toen het helende limoenwatertje van de oma mijn buikpijn niet helemaal kon genezen heb ik toegegeven aan het bijgeloof dat in het dorp heerst en liet warme sigarettenrook in mijn nek blazen om de slechte energiën te verdrijven. Ik denk niet echt dat het veel geholpen heeft, maar heb daarna toch goed geslapen.

De volgende dag keerden we terug, in een camionet zonder dak en ik liet de wind in mijn gezicht blazen in de hoop dat het zowel mijn maag als mijn hart zou kalmeren, want ik had net het droevige nieuws gehoord en wou op dat moment niets liever dan bij mijn familie in België zijn.

Als afleiding nam Alex me mee naar de `Toros de Pueblo`, Stierengevechten in een ander klein dorpje, waar er feesten aan de gang waren. Het was leuk om te zien. Het hele dorp bij elkaar en de moedigen onder hen wagen zich in de arena. Er wordt de stieren gelukkig niets aangedaan en wanneer een te roekeloze man door de horens gepakt wordt en een eindje in de lucht vliegt is het op de hele tribune lachen geblazen.
Haa dat simpele dorpsleven, zalig!

Ik had niet veel zin om naar huis terug te keren, maar aan alle mooie liedjes komt een eind. En ik heb niet te klagen. Ondertussen is er alweer een week voorbij gevlogen. Niet veel speciaals gebeurd. Woensdag hadden we een reuni bij Cecilia. Deze keer waren er al wat meer klachten over families enzo, maar ach, dat hoort er bij. En toen ons hart gelucht was, begonnen we talen en culturen te vergelijken. Het ging zover tot aan de dierengeluiden.. Wist je dat de dieren in alle landen een ander geluid maken? Dat de hond in Finland geen woef zegt en de eend in de Verenigde Staten geen kwak zegt? Haha..
Morgen vertrek ik naar het Amazonewoud.. De reis waar ik al maanden naar uit kijk!
Mijn verslag daarover volgt..